dal bhat power

“Dal bhat power keeps you walk for hours”.
En daar is niets aan gelogen. Al moet ik toegeven dat de ‘snicker breaks’ ook belangrijke opbeur- en energie momentjes waren. Zeker al je al uren omhoog of omlaag loopt met de wetenschap dat je er nog láng niet bent.

15-10_Mangengoth-Melamchigaon__3390-3690-2530_1a. naar Thadepati pass, stretch stop (00)

Maar de échte momenten waren de waanzinnige uitzichten op de witte bergtoppen en ketens en de, zo lijkt het, haast ongerepte bergdorpjes met overal de Tibetaanse gebedsvlaggen en prachtige mensen. Hier niks geen kindjes die om pennen of bonbons vragen, hier vouwen ze hun handjes, zeggen Namaste en geven je vervolgens een al dan niet voorzichtige maar altijd welkome lach. Hetzelfde geldt voor de ouderen. Ze groeten je met Namaste en een lach, bekijken je even en gaan vervolgens door met wat ze waarschijnlijk al jaren doen: wassen, stenen hakken, geiten uitlaten, koken, melk of water halen, op het veld werken, rijst drogen of wat dan ook. Dat is het leven in de dorpjes die we passeerden of waar we overnachtten.

Ruim een week lopen we over bergkammen en steile paden bezaaid met losse stenen en vaker wel dan niet flink aangetast door erosie en moesson, door blauwsparren, eiken, bamboe en vooral rododendron bossen (bijzonder door alle baardmossen die aan de takken hangen), door diepe geulen (voormalige wandelpaden) en over lange hangbruggen, langs mani-muren, crematie plaatsen, gompa’s en stupa’s, door brahmanen dorpen en, naar mate we hoger komen, boeddhistische Sherpa en Tamang dorpjes, een volk dat dichtbij de Tibetanen staat (mijn favoriete dorpjes).

We volgen het pad van Helambu en doorkruisen deels het Lantang NP. De eerste dagen moeten we heel wat bergtoppen over met een paar flinke steile beklimmingen. Echter, doordat we relatief laag blijven ( hoogste punt 3700 m en dat is hier echt niets) is het goed te doen want geen last van ijle lucht, ondanks dat ik leer dat de maximale zuurstofopname toch echt reeds met 22% is afgenomen op deze hoogte.

En dat was niet het enige wat ik leerde tijdens deze trektocht. Ik had gekozen voor een combinatie van trekking en yoga. Na de start bleek dat er ook nog veel aandacht was voor meditatie. Ik vond het, ook achteraf gezien, een perfecte combi. Soms hard werken maar dus ook (bewuste) ontspanning en mooie momenten met ons kleine groepje van vier.
Mijn ‘blind date’ voor deze trip bleek een leuke Deen van begin dertig te zijn en de gids/yoga leraar een zeer ervaren, behulpzame en filosofisch ingestelde Nepalees. De eerste had van zijn vriendin een enorme emergency kit meegekregen en de tweede kon goed (en creatief) tape aanbrengen, hetgeen precies was wat mijn knie nodig had (omhoog ging prima, maar dat afdalen.. oei oei oei). En laat ik vooral niet Depan vergeten, onze porter. Wat een respect had ik voor deze lieve en altijd vrolijke jongen (die overigens reeds 3 dochters bleek te hebben en dus ouder was dan ik dacht). Hij was degene die het grootste deel van onze bagage van a naar b bracht. Ik heb ook even geprobeerd om met zijn bepakking te lopen maar dat was echt ónmogelijk.

Kortom, goede chemie vanaf eerste moment en dat maakt natuurlijk wel de trip. Zeker toen we reeds op de 2e dag regen kregen wat al snel overging in noodweer. Onweer, bliksem, wind, laaghangende wolken, striemende regen en zelfs hagel zorgt er razendsnel voor dat je steenkoud en drijfnat wordt, alle dure outdoorkleding ten spijt. De derde dag besluiten we dan ook halverwege om niet verder te lopen en we stoppen bij de eerstvolgende overnachtingsmogelijkheid. Dat was trouwens alsnog ruim 3 uur omhoog lopen maar de rest van de dag konden we gebruiken om geduldig onze schoenen, sokken, rugzak en rest van de kleding boven de houtkachel te houden, met de hoop dat het iets droger wordt. Helaas lag ook de houtvoorraad buiten dus het was nog hard werken om het vuurtje aan te houden. De hut was natuurlijk mudvol met gestrande mensen en dat zorgde toch nog voor gezelligheid. Israëlische gitaar muziek, Oostenrijkse kaartspelletjes en natuurlijk borden vol dal bath.

’s Nachts ben ik ervan overtuigd dat het dak eraf gaat waaien en de bliksem gaat inslaan maar rond 2 uur wordt het rustiger en rond 4 uur ook geen regen meer. De volgende morgen 6 uur een prachtig blauwe lucht, bergtoppen met verse sneeuw nabij en met een warme kruidenthee in m’n hand ben ik verrassend vol energie en klaar voor een nieuwe yoga sessie en wandeling via schoon geregende paden (soms kleine riviertjes maar goed, schoenen waren toch nog nat). Door de vele sneeuwval zijn de heilige meren (en bijbehorende bergtop) van Gosaikund een no go area, hetgeen ons spontane idee voor deze extra afslag naar links richting de 4600 m doet verschrompelen tot “anders hadden we het vast gedaan”.

Na paar uur lopen en de nodige stretch oefeningen nemen we op het (voor ons) hoogste punt nog een extra stuk Tibetaans brood met homp yak kaas, slurpen de warme marsala thee met melk en zijn een kleine 4 uur later weer ruim 1100 m lager. Moe maar voldaan.

De lauwwarme douche bij de dochter van de buurvrouw helpt bij het opdoen van nieuwe energie en tijdens wandeling door het dorpje krijgen we de sleutel toegestopt van een tempeltje, gebouwd in een grot bovenaan het dorp. Heel bijzonder, zo stil en je voelt gewoon dat het een heilige plek is. Ik brand een yakboter kaarsje voor een heel bijzonder meisje en als Chandra ziet dat er tranen over m’n wangen biggelen neemt hij me mee naar buiten, we praten wat en vervolgens gaat hij weer naar binnen om voor haar te bidden. Ik hang niet aan een specifiek geloof maar als we later samen langs de Tibetaanse gebedsmolens lopen en je hoort her en der mensen hun mantra’s prevelen dan weet je gewoon dat er iets is, en ik ben stil van al deze bijzondere ervaringen en indrukken.

Een dag later dringt het slechte nieuws over de lawines, de doden en vermisten in Annapurna gebied ons actualiteitenisolement binnen. Gelukkig voor Depan en Chandra geen directe collega’s getroffen en gelukkig voor ons dat we een ander gebied hadden gekozen. Pas na terugkomst in Kathmandu (en online) heb ik door dat het wereldnieuws was: hierbij dank voor alle lieve en bezorgde berichtjes en excuus dus voor de late reactie. Het gebied waar wij waren had dus wel slecht weer, met als grootste gevolg dat de toch al slechte wegen en paden met regelmaat geblokkeerd waren door verzakte brokstukken uit de bergwanden. Buiten bovenstaande geen schade en/of gewonden (voor zover ik weet). Buiten deze 1 1/2 dag om trouwens prachtig weer gehad dus we hebben echt geluk gehad.

Al snel hadden we een bepaald dagritme te pakken wat eigenlijk prima beviel. 5.45 uur werden we gewekt met geluid van klankschaal (en met ons eventuele overige mensen ben ik bang), dan wakker worden met zelfgemaakte kruidenthee en bijna altijd een mooie zonsopkomst met witte bergtoppen. Ergens tussen 6.30 en 7 uur start van yoga sessie op een mooie locatie met uitzicht (dak hotel, grasveld in de buurt, whatever), 8 uur ontbijt en rond 8.30 starten met lopen. Afhankelijk van de afstand en de hoogteverschillen (‘Nepali flat’ is een relatief begrip) waren we tussen de 6 en 9 uur onderweg, waarbij er altijd wel tijd was voor stretchen, een snicker break, een schooltje, goede lunch (dal bath..) foto’s, troepen slingerende langur apen en natuurlijk uitrusten en meditatie/ ademhalingsoefeningen. ’s Avonds een uur yoga / stretchen en yoga nidra sessie. Dan eten, wat kletsen en eigenlijk al snel bed in. Slechts 1 avond ‘doorgehaald’ met twee NLers en wat gidsen, tot wel half twaalf … Voelde me een echte nachtbraker toen ik zachtjes de kamer insloop om m’n roomie niet wakker te maken… (wat overigens niet lukte).

Samengevat: super mooie tocht. Af en toe vond ik (en vooral mijn knie) het echt wel pittig door de vele steile stukken en slechte paden maar door de super sfeer, de afwisseling, de ontspanning en de continu mooie indrukken was het eigenlijk veel te snel voorbij. Ik wilde er nog wel 2 dagen aan vast knopen maar anderzijds lonkte ook wel een goede douche en wat meer comfort. Kortom, precies goed zo.

De laatste dag lopen we in 3,5 uur van 2000 naar 900 meter om vervolgens in Melamchi de lokale bus naar Kathmandu te pakken. De bus is vol dus we worden met z’n vieren (+bagage) voorin gepropt. In kader van ‘je laat niemand en niets aan de kant staan’ komt er ook nog een vrouw met kindje bij ons zitten en t gangpad in de bus wordt hoger en hoger door de grote zakken bananen en mensen die er bovenop zitten. Ik zit helemaal links voorin opgepropt en denk af en toe oprecht dat we van de weg af zo naar beneden het ravijn in duikelen. M’n gezicht sprak denk ik voor zich want de buschauffeur lacht elke keer zijn (rotte) tanden bloot en wijst dan naar een kleurige sticker op de voorruit van een voor mij onbekende maar vast belangrijke god. M.a.w. ‘maak je niet druk’. Maar dat deed ik stiekum wel want ik had per ongeluk die sticker aangeraakt met mijn voet tijdens uitstrekken van been en dat is dus vragen om moeilijkheden (leerde ik van Chandra die zich rot schrok toen hij het zag). Gelukkig kon de chauffeur goed rijden, evenals de tegenliggers en zonder brokken bereiken we vier uur later Kathmandu.

En ja, de warme douche ’s avonds was héérlijk!! Ik gok erop dat ik het de komende dagen rustig aan ga doen…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s