back to Kathmandu valley

Tja, wat doe je zoal als je weer bent teruggekeerd in de ‘moderne wereld’ die Kathmandu heet?
Onder andere om 6 uur wakker worden met de geur van vers gebakken brood, wat heerlijk is dat! Ik ben weer teruggegaan naar het guesthouse waar ik een kleine maand geleden gestart was en heb de ‘sunny corner’ tot mijn beschikking. Kamer met prachtige muurschildering en, niet verrassend gezien de naam, met veel licht en zon. Én dus boven de keuken. Eindelijk alles uit rugzak halen en écht laten drogen, waar je al niet blij van kan worden..

Verder bezoek ik een fabriekje net buiten Kathmandu waar ze klankschalen maken. De taxichauffeur rijdt over paadjes welke niet onder doen voor de meer advanced mountainbike tracks maar gelukkig hebben ze hier hele kleine taxi’s en goede chauffeurs. Leuk om het productie proces te zien, alles is handwerk. Uiteraard koop ik ook een exemplaar, extra leuk nu ik ook de achtergrond heb meegekregen. Moeilijk kiezen trouwens, zoveel verschillende klanken; A,E,D? Ik luister maar gewoon en kies welke ik mooi vind. Voor welke chakra de toon goed is neem ik voor lief, ze kunnen vast alle 7 wel iets extra’s gebruiken denk ik dan maar?!

Ook breng ik een paar uur door in Kathmandu’s ‘quirky library’. Geen standaard toeristenspot maar vlakbij de Garden of Dreams. Die laatste staat wel in alle reisgidsen en daarom is deze ‘oase van rust in het overvolle Thamel’ beduidend minder rustig dan de bibliotheek.

Bijzonder gebouw en interieur, vol met oude schilderijen, opgezette dieren, antieke globes en wereldkaarten en natuurlijk boeken. Kasten vol boeken… ik open lukraak een van de velen metalen kasten in de Engelstalige sectie: Uncle Tom’s Cabin, gebruikt tijdens een examen in 1905! Volgende is Alice in Wonderland; ruim 60 jaar oud. Ook een kast vol antieke Shakespeare exemplaren welke elders in de wereld zeker weten in een vitrine of ten minimale achter slot en grendel zouden liggen. En zo kan ik nog wel even doorgaan.
De bureautjes om aan te zitten kijken uit op de binnenplaats en men zit er met stapels studieboeken voor hun neus. Ook de regels ‘how to be a delightful library user’ zijn geweldig, op nr 5 staat; “sleep at home, not at the library”.

 

Volgende stop is een massage salon, opgezet om blinden te helpen om een zelfstandig bestaan op te bouwen. Nu ben ik altijd in voor een massage, evenals voor een goed doel dus keuze is snel gemaakt (www.seeinghandsnepal.org). Massage wordt uitgevoerd door een hoogzwangere, en uiteraard blinde, dame en op mijn vraag wanneer ze uitgerekend is zegt ze doodleuk begin november. Dat is dus al best snel. In NL zou ze reeds met verlof zijn maar gaat hier denk ik toch anders. In ieder geval had deze kleine en zeer tengere dame niets aan kracht tekort en voelde ze feilloos aan waar de knopen zaten. De volgende dag ontdek ik ‘slechts’ vier beurse/blauwe plekken.

De laatste dag in Nepal breng ik door in Patan, de stad met de duizend gouden torens. Durban Square is ook hier natuurlijk prachtig, maar ik geniet, wederom, het meest van de verborgen binnenplaatsjes en pleintjes met tempeltjes, stupa’s, oude huizen, spelende kinderen, wassende moeders en keuvelende oude mannetjes.

Het is die dag ook de 2e dag van het Tihar festival en dat betekent dat de honden offers krijgen. Naast rijst krijgen velen een bloemen slinger om hun nek en vaak nog een rode tika op de snuit. Ook is er, ter gelegenheid van het festival, op Durban Square een boxing arena neergezet, midden tussen het koninklijk paleis en de vele tempels. Tussen de wedstrijden door, welke gepaard gaan met veel gejuich en gejoel, worden er hippe dansjes gedaan door de tieners van Patan. Grappig en rare combi met al die historie.

 

Verder raak ik ergens in een achteraf steegje aan de praat met een thangka specialist. Een mandala kopen doe je niet zomaar, dat had ik inmiddels al begrepen. Natuurlijk ook veel handelaren en gelikte verkopers dus nog best lastig, iedereen heeft wel een mooi verkoopverhaal. Ik maak me geen illusies dat deze jongen een uitzondering is, maar hij is in ieder geval niet al te eager of hij weet het goed te verbergen. Hij is aan het schilderen en we praten war over zijn familie en zijn zorgen dat zijn dochter het vakmanschap niet wil overnemen, over de betekenissen (ik blijk de helft op z’n kop te houden..) en raken vervolgens het onderwerp een beetje kwijt als ik hem uithoor over tradities en uithuwelijken.

Wel grappig, ik vroeg hem wat hij dacht toen hij zijn (toekomstige) vrouw voor het eerst zag: “She was a bit fat and I don’t like fat women”. Gelukkig is het blijkbaar goed gekomen (of hij heeft z’n mening bijgesteld) want ze zijn al 15 jr getrouwd. Hij stelt op zijn beurt ook wel kritische vragen o.a. waarom zijn er zoveel echtscheidingen in Europa? Tja, goeie vraag. Volgens hem ligt het aan het feit dat we de astrologie niet gebruiken. Dit wordt altijd nagekeken bij een voorgenomen huwelijk en als dit niet matcht, dan geen huwelijk. Vervolgens gaat hij m’n horoscoop na (er komen allerlei papieren op tafel, incl certificaat van zijn studie) en volgens de boeddhistische leer ben ik een varken (wel ja..), mijn god is BajraPani (is god vd bescherming dus dat is wel fijn) en 108 x per dag de mantra ‘Om BajraPani Hum’ herhalen gaat me zeker helpen. Hij had blijkbaar door dat ik zat te bedenken hoeveel tijd dat kost per dag want als het écht niet lukt mag het ook 3 x pd. En nu het belangrijkste: mijn vijanden zijn mensen met het teken schaap of kat. Hiermee zal ik altijd discussies hebben. Ik kan net aan mijn nieuwsgierigheid bedwingen om wat geboortedata te geven ter check… Hoe dan ook, ik krijg van hem een afbeelding van BajraPani mee en ik koop uiteindelijk een mandala die me aanstaat. Hij blij, ik blij, hoe simpel kan het zal.

Ik sluit deze laatste dag in Nepal af met een bezoek aan Bodhnath, daar waar de grootste stupa van Azië staat en daar waar Tibetaanse monniken en vele, vele pelgrims hun kora lopen. Ik zat tenslotte toch al in de boeddhistische sfeer dus de boter lampjes, mantra’s, monniken en gebedsmolens passen er goed bij. Ik loop natuurlijk ook mijn ronde, maar dan met een cafe latte in m’n hand, de sfeer opsnuivend, vermengd met de geur van m’n koffie.
Eigenlijk had ik natuurlijk ‘Om BajraPani Hum’ moeten herhalen ( als je het dan ergens doet, dan toch zeker daar) maar daar denk ik dan pas weer aan nu ik dit verhaaltje zit te tikken.

Op de terugweg naar het guesthouse vermijdt de stokoude taxi chauffeur de volledig dichtgeslibde hoofdwegen naar en in Kathmandu en neemt hij allerlei pikdonkere steegjes. In menig land zou ik me ongemakkelijk hebben gevoeld maar hier totaal geen last van (komt natuurlijk ook door BajraPani). Het leuke is dat in die steegjes overal al kaarsjes branden en we komen zelfs een paar optochten met trommels en kaarsjes tegen. Dit alles ter gelegenheid van en voorbereiding op Deepawali, de 3e dag van het Tihar festival. De dag dat Lakshmi, de godin van de rijkdom, elk huis bezoekt wat op passende wijze verlicht is. En zo’n bezoek wil natuurlijk niemand missen. Dus waarom niet alvast een dag eerder beginnen? Bovendien is het bijna nieuwjaar voor de Newari bevolking dus volop ruimte voor feest, bloemenslingers en vrolijkheid.

Al met al een mooi einde van weer een indrukwekkende reis. Wat gaat zo’n maand toch verschrikkelijk snel voorbij. Te snel, vind ik. Maar… veel gedaan, veel gevoeld, veel gelachen en veel geleerd. Wat wil een mens nog meer?

Zelfs de vlucht richting Delhi verloopt relaxed. De piloten van IndiGo hebben er zin in want we vertrekken een half uur eerder dan gepland en ook de moeite voor plekje bij het raam aan rechterzijde levert op; waanzinnig uitzicht op de Himalaya!

In Delhi viert men Deepawali ook met lichtjes maar vooral met heel veel vuurwerk. 90% is helaas knal vuurwerk, lijkt godsamme wel oorlog als ik onderweg ben naar restaurantje. Gelukkig waarschuwt een man me nog net op tijd voor zo’n kreng vlak bij mijn voeten (”bomb, run!”), die straatventjes vinden het natuurlijk prachtig, zo’n toerist te pakken te nemen. Niets voor mij en ik ben dan ook snel weer terug op m’n kamer.

De laatste dag in Delhi ga ik samen met een Bhutaanse dame en haar dochtertje naar een markt met allerhande mooie stoffen ( en ja, 10 m stof meegenomen, ik kon de verleiding niet weerstaan). Als ik later aan de eigenaar van bed & breakfast vertel wat ik als lunch gegeten heb kijk hij enigszins verschrikt en zegt dat ik nogal dapper ben. Vervolgens nodigt hij me uit ’s avonds mee te eten om te zorgen dat ik toch nog een goede dal bhat binnenkrijg voordat ik het vliegtuig in stap. Zo gezegd zo gedaan en inderdaad, was erg lekker. Pompoencurry, het bekende linzenprutjeen enorme stapel rijst en papadums. Ik ga nu dan ook vol van indrukken én voedsel boarden, het is even na 3-en ’s nachts dus hopelijk pik ik wat slaap mee onderweg en stap ik over 9 uurtjes fris en fruitig weer over Nederlandse bodem.

DSC00664

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s